Over hoeveel jaar ben je financieel vrij?
Vul je uitgaven, je vermogen en je spaarbedrag in en zie meteen je FI-getal en de jaren tot financiële vrijheid. Zonder registratie, zonder cloud — alles werkt op je apparaat.
Gratis FIRE-calculator
In de app koppel je dit aan echte rekeningen, spaargeld en vermogen — met historie en prognose, en alles blijft privé.
Gids
Goed om te weten
Waarom je uitgaven je FI-getal bepalen
Je FI-getal is het vermogen waaruit je in principe onbeperkt zou kunnen leven zonder salaris. De rekenmethode is verrassend simpel: je jaarlijkse uitgaven gedeeld door je opnamepercentage. Bij een opname van 4% komt dat neer op 25 keer je jaaruitgaven. Stel, puur als illustratief voorbeeld, dat je 2.000 per maand uitgeeft, oftewel 24.000 per jaar. Dan is je FI-getal 24.000 keer 25 is 600.000. Het cruciale detail: je inkomen komt in deze formule helemaal niet voor. Wie 5.000 per maand verdient maar alles opmaakt, heeft precies hetzelfde doel als iemand met datzelfde uitgavenpatroon en een lager salaris. Twee mensen met een identiek inkomen kunnen dus totaal verschillende FI-getallen hebben, puur door hun levensstijl. Dat maakt je maandelijkse uitgavenpatroon het krachtigste stuurwiel dat je bezit: elke structureel geschrapte uitgave verlaagt het doel en verhoogt tegelijk wat je opzij kunt zetten. Reken daarom eerst je échte jaaruitgaven na, op basis van je bankafschriften, en niet je grove schatting. Dat ene getal bepaalt namelijk alle andere.
De 4%-regel en waar hij vandaan komt
Het opnamepercentage van 4% is geen natuurwet maar een vuistregel uit onderzoek naar historische marktdata. De kernvraag was: welk deel van een gespreide portefeuille kon je jaarlijks opnemen zonder dat het geld over een horizon van zo'n dertig jaar opraakte? Voor veel historische periodes bleek ongeveer 4% houdbaar. Belangrijk: het is een richtlijn, geen garantie, en toekomstige markten kunnen afwijken van het verleden. De grootste valkuil heet volgorderisico. Twee portefeuilles kunnen op lange termijn hetzelfde gemiddelde rendement halen, maar wie in de eerste jaren na het stoppen een flinke daling meemaakt terwijl hij tegelijk geld opneemt, teert veel sneller in. De volgorde van goede en slechte jaren telt dus mee, niet alleen het gemiddelde. Ook een langere opnamehorizon, hoge inflatie of hoge kosten binnen de portefeuille kunnen 4% te optimistisch maken. Sommigen kiezen daarom bewust een voorzichtiger percentage, bijvoorbeeld 3% of 3,5%, wat het FI-getal automatisch verhoogt. Lees het resultaat van deze rekenmachine dus als een ordegrootte, geen exacte eindstreep.
Een voorbeeld van begin tot eind
Neem een fictief voorbeeld om de rekenmachine tot leven te brengen. Iemand geeft 2.500 per maand uit, dus 30.000 per jaar. Bij de 4%-regel is het FI-getal 30.000 keer 25 is 750.000. Stel dat deze persoon nu 100.000 aan belegd vermogen heeft en jaarlijks 24.000 kan sparen en beleggen. Hoe lang duurt het dan nog? Dat hangt sterk af van de rendementsverwachting die je invult; die is onzeker en bepaalt de uitkomst grotendeels. Reken je met een voorzichtig verondersteld gemiddelde, dan groeit het vermogen door rendement bovenop je eigen inleg, waardoor de laatste jaren sneller gaan dan de eerste. In dit puur illustratieve geval kom je op grofweg vijftien jaar uit; met een andere rendementsaanname verschuift dat merkbaar. Verander één invoer en het beeld kantelt: schrap je 250 per maand aan uitgaven, dan zakt het doel naar 675.000 en stijgt je jaarlijkse inleg tegelijk. De rekenmachine laat dat dubbele effect direct zien. Speel bewust met de invoer om te voelen welke knop bij jou het meeste beweegt; dat inzicht is waardevoller dan één exact eindgetal.
Spaarquote verslaat de jacht op rendement
De twee hefbomen die je écht in de hand hebt, zijn je spaarquote en je uitgaven; het verwachte rendement is grotendeels marktafhankelijk en niet stuurbaar. Je spaarquote is het deel van je netto-inkomen dat je wegzet. En die quote heeft een onderschat, dubbel effect: elke euro die je niet uitgeeft, is een euro die je wél opzijzet én een euro die je later niet meer hoeft te financieren. Wie 10% wegzet, is verhoudingsgewijs veel langer bezig dan wie 40% wegzet, vrijwel los van welk rendement de markt levert. De dure denkfout is jarenlang jagen op een net iets hoger rendement terwijl de uitgavenkant onaangeroerd blijft. Een paar procent extra rendement is onzeker en niet afdwingbaar; een structureel lagere vaste last is zeker en werkt elke maand door. Gebruik deze rekenmachine daarom vooral om te zien hoe gevoelig de tijdlijn reageert op je spaarquote, en hoeveel minder op een optimistische rendementsaanname. Dit is educatie, geen persoonlijk advies: welke keuzes bij jouw situatie passen, bepaal je zelf of samen met een onafhankelijke, gekwalificeerde adviseur.
FAQ
Over FIRE & financiële vrijheid
Wat betekent FIRE?
FIRE staat voor „Financial Independence, Retire Early“ (financiële onafhankelijkheid). Het betekent dat je genoeg belegd vermogen hebt om voor onbepaalde tijd van het rendement te leven, zonder afhankelijk te zijn van een salaris.
Hoe bereken je het FI-getal?
FI-getal = jaarlijkse uitgaven gedeeld door het opnamepercentage. Met de bekende 4%-regel zijn dat je jaarlijkse uitgaven keer 25. Voorbeeld: 24.000 € per jaar geeft een FI-getal van 600.000 €.
Welk rendement is realistisch?
Breed gespreide aandelen-ETF’s leverden op lange termijn ongeveer 5 tot 7 % per jaar op – maar zonder garantie en met veel ups en downs. Reken behoudend en hou een marge aan.
Worden mijn gegevens opgeslagen of verstuurd?
Nee. De FIRE-calculator werkt volledig op je apparaat – zonder account, zonder cloud, en hij verstuurt of bewaart je gegevens nooit. Het is een houvast, geen financieel advies.
Je gegevens blijven van jou. Punt.
Kontoo verzamelt, ziet en bewaart geen van je persoonlijke financiële gegevens – geen account, geen cloud, alles draait op je apparaat.